Het gebeurt met name in het voor- en najaar maar al te vaak: de zon hoeft maar even te schijnen, of het wordt al snel (te) warm in huis. En omgekeerd. Door gebruik te maken van radiatoren met Low H2O-techniek reageert de verwarming supersnel en adequaat op deze temperatuurschommelingen. Dit comfort van radiatorfabrikant Jaga geeft ook nog eens een gemiddelde besparing van tien procent op de energiekosten.
Eigenlijk zegt de naam het al: Low H2O – weinig water. De radiatoren hebben voldoende aan tien procent van de normale waterinhoud. Zo’n beperkte hoeveelheid water reageert veel sneller op verwarming in de ketel; en koelt desgewenst natuurlijk ook sneller af. Bovendien is het water eerder rondgepompt door het verwarmingssysteem. De radiatoren zijn dus sneller op temperatuur.
Maar het is niet alleen de waterinhoud die het verschil maakt, ook het gebruikte materiaal speelt een belangrijke rol. Zo wordt geen staal, maar koper en aluminium toegepast. Deze metalen geleiden de warmte veel beter. Low H2O-radiatoren hebben daarnaast een beduidend groter contactoppervlak tussen het koper van de buizen en het aluminium van de lamellen, waardoor de warmteafgifte sneller en efficiënter verloopt. En met de verscheidene keuze uit enkele of twin batterijen maakt de radiatoren bij uitstek geschikt voor lagetemperatuurverwarming.
De Europese EPBD richtlijnen uit 2003 omtrent de energieprestatie van gebouwen zijn een rechtstreeks gevolg van het verdrag van Kyoto. De belangrijkste verplichtingen uit de EPBD voor de Europese lidstaten zijn:
- eisen met betrekking tot een algemeen kader voor de methode om de energieprestatie van gebouwen te berekenen;
- minimumeisen voor de energieprestatie van nieuwe gebouwen en van bestaande grote gebouwen, die ingrijpend gerenoveerd worden;
- de energiecertificering van gebouwen (energielabel);
- de regelmatige keuring van cv-ketels en airconditioningsystemen in gebouwen.
Elke EU-lidstaat heeft een zekere mate van vrijheid om de EPBD te vertalen naar de eigen nationale situatie (subsidiariteitsbeginsel). Ook buiten Europa wordt de groeiende internationale bewustwording duidelijk, vooral door de stijgende energieprijzen is er een toenemende belangstelling voor energiebesparing.
De ontwikkeling van energiebesparende technieken in de verwarming- en koelingsystemen is daardoor meer dan ooit in de belangstelling gekomen. Jaga heeft als radiatorfabrikant hierin een voorbeeldfunctie te vervullen en wil dan ook de ontwikkeling van ecologisch verantwoorde verwarmingssystemen als een van zijn belangrijkste waarden hanteren. Jaga werkt bijgevolg continu aan de ontwikkeling van radiatoren met de beste score in een Life Cycle Analyse (LCA) en wil op termijn zelfs een radiator met een “Cradle to cradle” certificaat produceren.
Na 40 jaar doorlopend onderzoek en ontwikkeling heeft Jaga momenteel een uitgekiende warmtewisselaar op de markt onder de naam “Low-H2O”. Deze warmtewisselaar is het hart van de "Low H2O-radiator". Door de lage massa en de lage waterinhoud van de warmtewisselaar zal de radiator zeer weinig interne energie opslaan om zeer veel energie over dragen van het verwarmingswater naar de omgeving. De "Low H2O-radiator" kan bijgevolg extreem snel reageren op verandering in warmtevraag, zonder energie te verspillen in de opwarming van de eigen massa. De kamertemperatuur is dus sneller bereikt dan bij om het even welk ander verwarmingssysteem. Bij kamers met grote glaspartijen en sterke zoninval zal oververhitting ook niet voorkomen doordat de "Low H2O-radiator" geen warmte meer afgeeft wanneer de kamerthermostaat de radiator uitschakelt. Hoge massa systemen daarentegen blijven hun opgeslagen warmte afgeven, ook wanneer er geen vraag is.
Jaga’s warmtewisselaar is in de loop van de jaren sterk gewijzigd. De eerste types van de jaren '60 en '70 hadden vlakke vinnen zonder profilering. De afstand tussen de buizen was groter en de buizen hadden een grotere diameter. De huidige warmtewisselaar ziet er helemaal anders uit. Met de geprofileerde aluminium vinnen die onderling op 5,5 mm afstand staan, de kleinere koperen buizen (diameter 15 mm) en de kleinere afstand tussen de buizen (50 mm), is deze warmtewisselaar helemaal aangepast aan de noden van vandaag. Door deze aangepaste vormgeving is de warmtewisselaar niet alleen snel en licht, maar ook perfect in staat om met zeer lage watertemperaturen zijn warmte aan de omgeving af te geven.

De hedendaagse warmtewisselaar uit de Low H2O radiator
Een recente ontwikkeling die als extra op deze warmtewisselaar kan geplaatst worden, is het befaamde DBE systeem of “Dynamic Boost Effect”. De DBE unit is een set van ventilatoren die wanneer nodig de luchtsnelheid over de warmtewisselaar kan versnellen. De DBE zal dus het vermogen van de warmtewisselaar verveelvoudigen door aan de statische convectiewerking nog een dynamische boost mee te geven. De eindgebruiker kan dus voor een veel kleinere radiator kiezen om toch hetzelfde piekvermogen te krijgen. De DBE-microprocessor die het toerental van de ventilatoren regelt, meet ook de watertemperatuur in de warmtewisselaar en de temperatuur van de lucht in de kamer. Hierdoor kan het DBE-systeem pas werken wanneer het externe regelsysteem, zoals de kamerthermostaat, warm water naar de warmtewisselaar stuurt. Bovendien zal het toerental van de DBE-ventilatoren altijd aangepast worden aan de warmtenood en afnemen naarmate de comforttemperatuur in de kamer bereikt wordt. Wanneer de comforttemperatuur bereikt is zal de DBE unit zelfs volledig uitvallen, zodat de radiator enkel via statische convectie zijn warmte afgeeft. De DBE unit is een intelligent, zelfstandig systeem. Het volgt als een “slave” zijn “master” (de kamerthermostaat of de thermostatische radiatorkraan) en regelt het vermogen van de radiator continu tot een optimaal niveau. Het pendelgedrag van de kamerthermostaat wordt voorkomen doordat de radiator nooit een hoog vermogen afgeeft wanneer de comforttemperatuur bereikt is. Het DBE systeem verbruikt zelf maximaal 3W uit het elektrisch net (bij maximaal toerental). Het systeem wordt gevoed met een kleine 12VDC transformator die in een stopcontact steekt.

Een Low H2O-radiator met DBE
De Low H2O-radiatoren voldoen dus steeds meer aan de missie van Jaga om energiebesparende radiatoren te maken. De snelheid en regelbaarheid van Jaga systemen zorgen voor een exact afgemeten energie overdracht op het moment dat er warmtetoevoer naar de kamer nodig is. Hierdoor wordt er geen energie verspild in interne opslag en bij oververhitting van de kamer. Nachtverlaging (en dagverlaging bij afwezigheid van de bewoners) van de kamertemperatuur van slechts 2°C kan bijgevolg zelfs bij de best geïsoleerde huizen een besparing opleveren van meer dan 15% aan energiekosten.
Door de hedendaagse vormgeving van de warmtewisselaar en het DBE-systeem kan de Low H2O-radiator werken met watertemperaturen lager dan 30°C, zonder dat een ander hoge massa systeem nodig is als verwarming. Dit laat de gebruiker toe om te kiezen voor een ecologisch verantwoorde energiebron, zoals een condenserende ketel, een warmtepomp of een zonneboiler.
In de loop der jaren heeft Jaga samengewerkt met verscheidene Europese universiteiten om zijn moderne warmtewisselaar te ontwikkelen. Daarnaast zijn er ook heel wat studies en testen gebeurd in laboratoria bij Jaga en bij onafhankelijke instanties die de energiebesparende werking van de Low H2O-systemen aantonen.
Zo is er de LCA-calculatie in samenwerking met het VITO, die aantoont dat meer dan 99% van de milieuschade die een radiator aanricht, veroorzaakt wordt door het energieverbruik bij de eindgebruiker tijdens de volledige levenscyclus van de radiator. Deze studie was de inspiratiebron voor Jaga om zich te focussen op energiezuinige systemen.
Een experiment in twee identieke huisjes van het BRE-instituut uit Groot-Brittannië toont aan dat een typisch Engels gezin tussen 5% en 15% stookkosten zal besparen met Low H2O-radiatoren in plaats van een hoge massa verwarming. De besparing ten opzichte van trage radiatoren is afhankelijk van de klimatologische omstandigheden en is groter in de tussenseizoenen wanneer er meer variatie in warmtevraag is. De besparing door de lage massa en de snelheid van het systeem werd hiermee aangetoond.
Een experiment van de TU Eindhoven in opdracht van NOVEM (Nederlandse organisatie voor energie en milieu) toont aan dat Jaga Low H2O-systemen (zelfs zonder een DBE-systeem) kunnen werken met een watertemperatuur lager dan 30°C en dus ook met een energiezuinige warmte opwekker. Dit rapport werd door NOVEM gepubliceerd in TVVL van oktober 2003 en maakt komaf met de geruchten dat moderne convectiesystemen nog steeds niet zouden werken met een lage watertemperatuur.
Een reeks testen in het “Jaga Experience Lab” tonen aan hoe DBE-systemen energie besparen. Een aantal buitenlandse wetenschappers is al naar Jaga afgereisd om hun theorieën te staven in de labo’s van Jaga. In deze analyses en laboratoriumtesten wordt ondermeer aangetoond dat een klein Low H2O-systeem een perfecte aanvulling kan zijn op een vloerverwarming om met verwarmingswater uit dezelfde kring de regelbaarheid en de nachtverlaging toch mogelijk te maken.
Enkele van deze rapporten kan men downloaden op de site: http://www.heating-studies.org
De nieuwe ecologische ontwikkelingen lopen nog steeds door bij Jaga. De ontwikkelingsafdeling zit er niet stil en zal in de toekomst een radiator op de markt brengen conform de C2C-filosofie, waarbij elk onderdeel gerecycleerd kan worden, of biologisch afbreekbaar is.
Ook kan er inmiddels met het DBE Pro-systeem niet enkel verwarmd, maar ook gekoeld worden. Hierdoor is het met één eenvoudige radiator en een warmtepomp mogelijk om de warmte die men in de winter uit de bodem onttrekt in de zomer er terug in te brengen.
De Low H2O-techniek is toegepast in de meeste horizontale, vrijstaande en inbouw radiatoren. Voor meer informatie gaat u naar de productpagina van bv. Strada, Mini Vrijstaand, Tempo, Basic, Mini Canal etc.
Events / Acties | Referenties |